‘Mijn Faboert’ en den aaizeren weg

Mijn Faboert en de spoorweg — hoe den aaizeren weg onze buurt veranderde.

Zoelak (Zoals) ik al eens geschreven heb, vermoedde ik dat de naam van ‘Mijn Faboert’ iets te maken heeft met het vroegere ‘Faubourg Dambrugge’. Onze buurt lag geprankt tussen de Spaanse omwalling en den aaizeren weg (spoorweg) naar Olland. En dien aaizeren weg heeft nogal wat teweeggebracht!

Nen aaizeren weg naar Olland

Ge wèt het misschien, of ge wèt het ni: ooit liep er een spoorlijn vanuit de omgeving van het huidige Antwerpen-Centraal naar Nederland, dwars door een gebied dat later volgebouwd raakte. Op oude kaarten ziet ge dat nog goed.

In 1835 reed de eerste openbare trein tussen Brussel en Mechelen, onder koning Leopold I. Antwerpen kreeg vervolgens zijn verbinding met Mechelen. Het eerste station was een eenvoudig gebouw buiten de vestingen, geen monumentale kathedraal.

Onderaan zie je dat de ‘Chemin de Fer’ (spoorweg) Mechelen-Antwerpen volledig buiten de ‘Spaanse Omwalling’ lag.

Pas later kwam het indrukwekkende gebouw van de ‘Middenstatie’ (Antwerpen-Centraal). En ik blijf erbij: ‘de schoonste statie van de wereld’!

Met de trein tot aan de dokken

De spoorwegen waren niet alleen voor reizigers belangrijk. Ook de haven moest bereikbaar zijn. Via de Rijnpoort, dwars door de ‘Wallen’, kwam er een verbinding naar het goederenstation op de Ankerrui, de ‘Gare Principale’, met aftakkingen naar den Entrepôt en de dokken.

De spoorweg reed dwars door de ‘Spaanse Wallen’ die toen tot niets meer dienden.

Later verschoof het goederenverkeer naar het station ‘Antwerpen-Dokken en Stapelplaatsen’. Op de oude kaarten en foto’s kunt ge zien hoe die spoorwegen zich uitbreidden.

Het station ‘Antwerpen Dokken en Stapelplaatsen’ met links een spoorbundel. De auto’s reden langs de Kempenstraat. Van de Noorderlaan van de Noorderplaats naar de IJzerlaan was nog geen sprake. Die zou vlak naast het stationsgebouw komen.
Het doortrekken van de spoorlijn naar Nederland met de aftakking naar de Haven die dichtbij de Stad lag.

Van houten barak tot een ‘kathedraal van een station’

Het voorlopige station Antwerpen-Oost op het huidige Koningin Astridplein was een houten gebouw met loketten, bureaus, bagageruimtes en afzonderlijke wachtkamers per reisklasse. Niet iedereen wachtte even comfortabel op zijn trein, dat waren de tijden!

Het oude Station op het huidige Koningin Astridplein
Het oude stationsgebouw met rechts de in aanbouw zijnde nieuwe overkapping

Met de afbraak van de Spaanse vestingen groeide een hele wijk rond het station. De Meir kreeg via de De Keyserlei een verbinding met de stationsomgeving.

Een spoorlijn midden door de stad

De treinen naar Nederland reden intussen door een steeds drukker bebouwde omgeving. Overwegen veroorzaakten oponthoud en gevaarlijke situaties, onder meer in de buurt van de Van Schoonhovenstraat en de huidige Carnotstraat.

Daarom kwam er in de jaren 1870 een nieuwe ringspoorweg via Borgerhout richting den Dam. Het oude spoortracé verloor geleidelijk zijn functie.

Het station Antwerpen-Dam

Aan den Dam groeide het spoorverkeer eveneens. In de jaren 1890 verrees er een neogotisch stationsgebouw. Dat kreeg in 1907 een heel bijzonder avontuur te beleven: men verplaatste het gebouw in zijn geheel!

Het station Antwerpen-Dam

Met vijzels, rails en een heel leger arbeiders werd het zware stationsgebouw opgetild, gedraaid en langzaam verschoven. Stel u voor: ge gaat ’s morgens buiten en uw station staat ’s avonds weer een stukje verder!

Wat betekende dat voor mijn Faboert?

Heel veel. Eerst vormde de spoorlijn een grens tussen onze buurt en de gronden aan de andere kant van de sporen. De latere uitbouw van het grote spooremplacement maakte die scheiding nog ingrijpender. Oude wegen en verbindingen verdwenen.

Ook de Prosputstraat, de latere Resedastraat horen bij dat verhaal. Maar de precieze chronologie van de onteigeningen en het verdwijnen van straten moet nog verder worden onderzocht. Een spoorlijn aanleggen en een volledig spooremplacement uitbouwen zijn immers twee verschillende zaken.

De band met het vroegere Dambrugge werd steeds minder vanzelfsprekend. Toch bleef men in oude stukken spreken over de ‘Sint-Jobstraat aan den Dam’. En zo kom ik weer bij mijn vraag: waarom zeiden de ouderen dat wij van ’t Faboert waren en niet van de Seefhoek?

Spoorwegen verbinden plaatsen, maar in mijn Faboert hebben ze er ook van elkaar gescheiden. En dat hebben de mensen nog lang geweten.

Den aaizeren weg: ik ben er nog niet over uitgepraat!

Bronnen

Spoorweggeschiedenis: 800 jaar Antwerpen — treinen; FelixArchief, Stadsarchief Antwerpen; historische kaarten en eigen onderzoek. Details over de aanleg van het spooremplacement blijven onderwerp van verder archiefonderzoek.




Één reactie op “‘Mijn Faboert’ en den aaizeren weg”

  1. Alfons Van Camp Avatar
    Alfons Van Camp

    Hey Johnny ! Dat noem ik klasse en aangenaam om lezen Hedde gij

    Like


Geef een reactie